Op roadtrip met de Renault Espace
Wanneer mensen mij vragen of ik wil meehelpen om een auto te bekijken, kopen of ophalen, ben ik altijd van de partij. In dit geval liep het anders. Rémy (part-time kekkekarrenfotograaf, fulltime spotbusmedewerker) wilde een Opel Meriva OPC bekijken in Duitsland. Ik moest mee, smeekte ik hem. Kijken deden we met zijn Mercedes-Benz W124 300CE, maar ophalen met iets zuinigs en eenvoudigs: deze Renault Espace. In veel (maar niet alle) opzichten de perfecte roadtripauto. Onze avonturen lees je hier, tussendoor zal ik de Espace aan jullie uitleggen.
Eerst kijken, dan kopen
Het begon met een idee, Rémy wilde iets raars hebben. Volgens mij lag er al een tijdje een onderliggende fixatie op dit specifieke model. Het begon met een advertentie delen van een auto die te koop stond in Nederland, tevens de enige, overigens. Het autobedrijf was bij mij bekend en ik waarschuwde toen al voor teleurstellingen. Die teleurstellingen kwamen. De auto was niet in goede staat en er waren veel kleine dingetjes mis mee. Het voelde niet goed. We hebben hem gereden, maar daarna laten staan.
Degene die we uiteindelijk hebben bekeken, stond al even op Rémy’s radar. De prijs ging steeds een beetje omlaag en toen uiteindelijk werd de knoop doorgehakt: we moesten gaan kijken. Ik reisde in de avond af naar Tilburg en vroeg in de ochtend erna stapte wij in de Mercedes Coupé op naar Duitsland. Er was meteen file, maar we waren op tijd vertrokken. Zo op tijd, dat we zelfs richting het einde door de Duitse landerijen konden flaneren.
De auto stond in Halle, vlakbij Gütersloh, vlakbij Bielefeld (wat niet bestaat). We hadden afgesproken om 12.00 uur, dus de verkoopmeneer kwam netjes aan om 13.20 uur. Ondertussen had Rémy kortsluiting veroorzaakt door zijn sleutelhangerring in de vanger van de zonneklep op te hangen, wat ook de geleider is voor het lampje naast de vanity mirror. Nadat dat opgelost was, kwam de verkoper aan.
De auto beviel, naast de beschimmelde achterriemen. Een deal werd gesloten, hoofdstuk twee begint…
Weapon of choice
Zaken moesten worden geregeld. Rémy ging de ingewikkelde dingen doen (hoe werkt invoeren, waar kan ik hem verzekeren, tot hoe laat is de tijdelijke kentekenplatenmakerij open?) en ik deed het makkelijke: een goede auto fixen. Het werd de Renault Espace facelift uit 2026. De facelift heeft vooral uiterlijke verfijning, bijvoorbeeld de grille, koplampen en achterlichten. Het is daardoor meteen een frisse verschijning geworden.
De Espace is sowieso een fijne auto. Als je een beetje geld neersmijt heb je een ontzettend prettige luxewagen die uitermate geschikt is voor lange trips. De stoelen zitten lekker en het witte leer oogt chique, de wegligging is goed en de auto is comfortabel afgesteld. Hij is heel ruim en staat redelijk hoog op z’n pootjes, dus dat is gunstig voor het zware terreinwerk (Duitse N-wegen). Je kan veel mensen (7) of veel spullen meenemen en ondanks dat alles is het nog steeds een makkelijk bestuurbare (vierwielsturing!) en zuinige machine.
Dit laatste komt door de motorisering. De full hybrid is namelijk een 1.2. Dat is klein, ik dacht in eerste instantie ook dat hij té klein zou zijn. Dit is grotendeels onwaar gebleken. In normale verkeerssituaties merk je niks van de geringe motorcapaciteit, vooral niet omdat het totaalvermogen op 200pk ligt. Op kruissnelheid is de Espace dan ook erg zuinig. Hij is niet snel met 8.8 seconden op de 100 en een max van 180, maar goed. Positief verrast. Alleen bij snel optrekken merk je dat het systeem wat meer moeite heeft, maar dat hoort er natuurlijk bij.
Operatie (cry) me(a)riva
Een aantal weken later heeft Rémy het grootste gedeelte van zijn eendjes op het droge en kunnen we vertrekken. De Renault Espace wordt volgeladen (met niks) en het gas gaat op de bodem. Ook op hoge snelheden is de Espace prettig. Het verbruik gaat natuurlijk extreem omhoog, maar dat is bij geen enkele auto anders. We zette koers naar de verzekeringsmaatschappij die ons uiteindelijk niet kon helpen maar ons wel een chocolaatje en prikwater aanbood. Toen met nieuwe instructies richting de KZF ZULASSUNGSSTELLE (lees dit schreeuwend).
In een enorme 90s hal mochten we wachten totdat wij werden geholpen door een enorm hippe mevrouw die me wat deed denken aan een Duits lid van K3. Zij gaf aan dat we nog ‘even’ platen moesten regelen en dat we beter naar de buren konden rennen, want we hadden nog acht minuten. Huilend, gillend en zwetend kwamen we net op tijd aan bij de buren. Een vriendelijke mevrouw met tante-achtige uiterlijke kenmerken hielp ons graag met de plaat. Gelukt, nu terug naar de KFZ. Alles kwam uiteindelijk toch nog goed. Via een apparaat wat volgens mij een fax was, werden er verschillende kleuren papieren geprint en opnieuw ingevoerd. Dit duurde volgens mij echt zes minuten. Uiteindelijk alles geregeld, tot de mevrouw ons vroeg: ‘waar staat de auto?’.
Blijkbaar hadden ze die ook nog nodig… Er werd een afspraak gemaakt om later die dag terug te komen, dan zou ze even snel komen gluren naar het chassisnummer en dan waren we klaar om te gaan. Ondertussen kwam en ging lunchtijd, wij waren op een missie. Ontzettend noncha ramde ik 25 minuten later de Espace het terrein op bij het Autohaus en daar stond de Meriva, precies zoals we hem hadden achtergelaten. Met Rémy’s beste Italiaans en mijn 6VWO Duits hebben we de bende afgerekend en toen zijn we wederom teruggesjeesd naar onze KFZ-Freunden. Nadat iemand zei dat ze gesloten waren, wat ons een prettig en fijn gevoel gaf, werden we alsnog geholpen zonder enige problemen. Afspraken in Duitsland zijn gelukkig wel afspraken. Uiteindelijk kwam het goed en de Meriva was officieel uitgevoerd en op een tijdelijk kenteken met de duur van één maand.
Meriva Carey
Met het Ruimteschip en de Blauwe Bes reden wij naar een Duitse broodjeswinkel. We aten daar een hard bolletje met een kubus ongedefinieerd vlees (wel lekker) en plande daar onze terugrit. Onderweg moesten we de (geweldige) foto’s in dit artikel nog maken. Althans, Rémy moest dat doen. Ik was aan het creperen van mijn toenmalige verminderde lichamelijke gezondheid. In een pittoresk Duits heuveldorpje, waar Rémy per bizar toeval de vorige dag nog geweest was, manoeuvreerde we beide auto’s wat heen en weer. Ondertussen kwamen er verbaasde fietsers, honden, kinderen, paardrijders en Google Maps auto’s voorbij. Ik ben zelfs door een rivier gereden.
De foto’s waren af, de Espace smerig en de Meriva nog net zo bizar als voorheen. Op naar huis. Tussendoor ben ik Rémy regelmatig kwijt. Niet door mijn bedenkelijke navigatieskills, maar door het feit dat de maximumsnelheid van de Espace een forse 42kmpu lager ligt dan die van de Meriva. De blauwe boomerbak schiet door de geluidsbarrière als een F16 en verdwijnt dan langzaam over de horizon op de Duitse Autobahn. Hoe hard ik ook mijn best doe, de Espace blijft steken bij de 180. Toch niet gek voor zo’n grote auto met een 1.2tje.
Ondertussen is de Meriva OPC thuis bij Rémy en draagt hij al trots zijn Nederlandse platen. Het is een auto die bizar is, niemand snapt hem. Hij rijdt goed, is ongelooflijk snel en ook nog praktisch ook. Het interieur is een soort plastic broodtrommel met blauwe details en waanzinnige stoelen. Ik ben fan.
De Renault Espace is ook top. Hij is ruim, comfortabel en als je niet 180 rijdt ook nog lekker zuinig. Ook daarvan ben ik fan.
De foto’s in dit artikel zijn gemaakt door Rémy Cosenza.
De Opel Meriva OPC.